Je kunt een opzetlosse op 2 verschillende manieren maken: met de draad die vanaf de bol komt of met het einde van de draad. Het grote voordeel van de laatste optie is dat je de steek makkelijk iets vaster kunt trekken als je hem gebruikt hebt.
Hoe ga je hiervoor te werk:

Rechtshandigen:

opzet-voor

Op de bovenkant van je hand zie je nu 2 “streepjes”:
opzet-boven1

 

Steek je haaknaald onder het streepje aan de kant van je vingertoppen, pak het andere streepje met je haaknaald op.
opzet-haak1

 

Haal de haaknaald rustig terug naar je vingertoppen onder het 1e streepje door en….opzet-haak2

 

….laat alles voorzichtig van je vingers glijden.
Je hebt nu 1 lusje op de naald en een grote lus die straks de knoop gaat vormen.
Als je nu rustig aan beide draadeindes trekt zal het draadeinde omsloten worden door een knoop.
Trek het niet superstrak. Het lusje om de naald moet ong. 2 keer de naalddikte zijn.
 opzet-haak3

 

 

Na de benodigde opzetlossen ga je een toer haken. Aan het einde kom je weer bij je opzetlosse uit als het goed is. Vaak gebeurd het dan dat je deze steek iets opentrekt bij het haken van je steek. Dit is nu makkelijk te corrigeren door even aan het eindje begindraad te trekken.

Dit begin kun je ook gebruiken voor het maken van een magische cirkel (magic ring). Hierover later meer.